Kauwen zijn niet bepaald frisse jongens. Hun stevige vogellijf heeft maar héél weinig elementen die vriendelijkheid oproepen. Maar de kauw die vandaag bij het slootje in Papendorp zat was een regelrechte moordenaar: het baasje van de Bandidosbende onder het vogelvolk.

Deze killer had een hevig spartelend molletje in zijn bek en probeerde in alle rust de mogelijkheden uit om aan dat gespartel een einde te maken. Hij liet het beestje vallen, pikte het weer op, sloeg er eens mee op de grond, liet het nog eens vallen. Het dappere molletje hield het nog lang vol.

‘Hé, doe dat eens niet!’ riep Van aanpakken vanaf het fietspad tegen deze meedogenloze moordmachine. Hij keek even om, zonder de mol los te laten. Van aanpakken deed een paar stappen richting de vogel. De kauw trok één wenkbrauw op, weinig onder de indruk.

Je kan dan wel Van aanpakken zijn, maar tegen de natuur kan je maar beter niet al te streng optreden. Zeker niet als die er zo gemeen uitziet. Van aanpakken fietste verder. En de kauw ging, volmaakt tevreden, verder met het doden van het molletje.