Bent u al Matisse wezen kijken? Van aanpakken moet nog. En naar Rothko. En misschien de late Rembrandt? Of ben ik daarvoor alweer te laat?

De grote musea organiseren steeds meer publieksknallers waar steeds meer mensen buiten voor in de rij willen staan. De kleinere musea daarentegen kunnen wel wat extra volk gebruiken. In dat kader bracht Van aanpakken een bezoek aan het Pluimveemuseum in Barneveld – in het gezelschap van een paar kleuters, dat wel. Je kan immers niet vroeg genoeg beginnen met museumbezoek. De expositie over de perfecte kippenren deden we in vogelvlucht. We renden langs de prijzenkast voor kampioenskippetjes en operhaantjes. De kleuters hadden weinig oog voor de opstelling van de geschiedenis van de legbatterij en schoten gelijk door naar de publiekstrekker hier: de kuikentjeshoek.

Onder een warme lamp deed een kuikentje pogingen om uit een ei te kruipen. De stadskinderen van Van aanpakken ontdekten: je kruipt niet zomáár uit een ei. Af en toe stak het kuikentje van onder zijn eierdopje zijn snaveltje naar buiten om te kijken wat daar te beleven was.Voorzichtig tastte het ene vleugeltje dat uit het ei was geraakt in het rond, in het luchtledige, zonder doel of richting. Hier was geen enkele haast bij. Even verderop waren de aai-kuikens van een paar dagen oud. Van aanpakken kreeg een kuikentje in de handen gedrukt. Het liet zich gewillig over het koppetje aaien, en maakte braaf de geluiden die je van een kuiken verwacht. Toen sloeg de paniek in het beestje toe. In het holletje van mijn hand sloegen de zachte vleugeltjes en dunne botjes, als van papier gemaakt, wild in het rond. Zo snel mogelijk zetten we het kuikentje weer bij de andere aai-kuikens.

Kunst is kwetsbaar, ook in een pluimveemuseum.  Je kan er maar beter niet aankomen met je vingers.